Ons huis ligt op een dijk, waardoor er in de achtertuin een behoorlijk hoogteverschil is. Achter het huis hebben we een veranda laten bouwen. Zo liggen de eerste tweeënhalve meter op dezelfde hoogte als de woonkamer.
Vlak voor het raam staat op de veranda een tafel, die in de winter voor de vogels is. Elk najaar kan ik haast niet wachten tot het kouder wordt en het voor de vogels wat moeilijker wordt om hun kostje bij elkaar te scharrelen. Die tafel verandert dan in een soort “vogel-luilekkerland”, druk bezocht door diverse soorten vogels. Vaak levert dat “Marjolein Bastin-momenten” op.
In een vaas staan hulsttakken met rode bes. Voor de sier, omdat het zo leuk staat! Dat dacht ik tenminste. De eerste keer dat ik de vaas had neergezet, verdwenen er elke dag meer bessen. Ik zag ze niet op de tafel liggen en vroeg me af waar ze gebleven waren. Totdat ik op een dag “de dief” zag zitten. Nu zet ik ze maar als voedsel neer.
helaas niet helemaal scherp
In borden liggen diverse soorten strooivoer. Vaak hoor ik de mezen al als ik met het voer naar buiten kom. De grootste schrokkers zijn de tortelduiven, die de bakken zo leeg hebben.
Speciaal voor de mezen heb ik een vogelhuisje met een pindanetje neergehangen. Het is leuk om te zien hoeveel moeite ze, samen met de mussen, doen om de laatste pinda’s uit het net te krijgen.
soms moet je ook even uitrusten van al dat gehak op die pinda's
pinda gevallen?
Jammer genoeg hebben we de laatste tijd veel last van kauwen. Met een paar snelle aanvallen op het pindanet is dat zo kapot getrokken. De pindakransen, die ik nog wel eens maak, liggen vaak binnen een uur al volledig uit elkaar. Natuurlijk kun je overal gaas omheen maken, maar mooi is anders. De Vlaamse Gaai zien we ook wel eens zo’n net uit elkaar trekken. Daar ben ik natuurlijk niet blij mee, maar het is zo’n mooie vogel, dat ik dat toch minder erg vind. Een soort vogel-discriminatie dus, dat wel.
|